Begrippenlijst

De NRTO maakt u wegwijs in veelgebruikte termen uit de training en opleidingsbranche

Zoek snel naar de definitie van een onderwijs begrip

  • Sorteer begrippen

Accreditatie hoger onderwijs

In het hoger onderwijs kan een hogeschool of universiteit alleen wettelijk erkende diploma’s verstrekken als de opleiding door de NVAO geaccrediteerd (erkend) is. Studenten hebben het recht op het voeren van titulatuur bij een geaccrediteerde opleiding. 

Alle wettelijk erkende opleidingen van universiteiten en hogescholen, publiek en privaat,  vindt u in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO). Opname in dit register kan alleen na erkenning (accreditatie) door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). De opleiding krijgt een erkenning als de NVAO de kwaliteit van de opleiding heeft goedgekeurd. In de databank van de NVAO kunt u nakijken hoe de kwaliteit is beoordeeld.

Na 6 jaar kijkt de NVAO opnieuw naar de kwaliteit van de opleiding. Een opleiding verliest zijn erkenning als de kwaliteit niet meer voldoet. Niet erkende opleidingen mogen geen hoger onderwijs diploma’s afgeven.

Meer informatie

Opleidingsgegevens in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO)

Rijksoverheid

NVAO

TOP ▲

Ad: Associate degree

Een Associate degree (Ad) is een wettelijke graad  in het hoger onderwijs, net als bachelor of master. Een Ad-programma is een (over het algemeen) tweejarig programma. Het niveau van het programma zit op niveau 5, tussen MBO-4- en HBO-bachelor niveau in.

Voor meer informatie zie:

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/hoger-onderwijs/associate-degree

TOP ▲

Bachelor

Een graad die je krijgt indien je een geaccrediteerde (wettelijk erkende) opleiding (240 ECTS) hebt gevolgd aan een instelling voor hoger beroepsonderwijs (de bacheloropleiding); een bachelor is ook de naam van de driejarige (eerste) fase van een universitaire opleiding. 

Voor meer informatie, zie:

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/hoger-onderwijs/vraag-en-antwoord/wat-zijn-de-bachelor-master-en-associate-degree-in-het-hoger-onderwijs

TOP ▲

BBL: Beroepsbegeleidende leerweg

De BBL is een leerweg van een  mbo-opleiding waarbij het grootste deel  van de opleiding uit de beroepspraktijk vorming bestaat.

TOP ▲

Beroepskolom

De doorstroom van vmbo via mbo naar hbo heet de beroepsonderwijskolom of kortweg de beroepskolom.

De verbetering van deze doorstroom is een prioriteit voor het Nederlandse ministerie van Onderwijs, gezien het tekort aan goed opgeleide vakmensen.

TOP ▲

Blik op Werk

Blik op Werk is een onafhankelijke stichting die zich inzet voor kwaliteit op het gebied van diensten die te maken hebben met duurzaam aan het werk blijven en komen.

Het Blik op Werk keurmerk is een keurmerk voor dienstverleners die ervoor zorgen dat mensen weer maatschappelijk meedoen, betaald werk vinden, een eigen onderneming opstarten, van werk naar werk gaan, gezond aan het werk kunnen blijven en inburgeringscursussen volgen.

Daarnaast speelt dit keurmerk een belangrijke rol bij het inburgeringsproces. Een aanbieder van inburgeringscursussen moet dit keurmerk hebben wil de inburgeraar gebruik kunnen maken van het sociaal leenstelsel. 

Voor meer informatie zie:

www.blikopwerk.nl

TOP ▲

BOL: Beroepsopleidende leerweg

De BOL is een leerweg van een mbo-opleiding waarbij het merendeel van de opleiding uit theorie bestaat. De leerling gaat naar school toe. 

TOP ▲

BPV: Beroepspraktijkvorming

Een belangrijk deel van de mbo-opleidingen bestaat uit werken en leren in de praktijk, de zogenaamde beroepspraktijkvorming of bpv. Daarin onderscheiden we stages (bol) en leerbanen (bbl).

De bpv telt drie fases:

  1. Matching en voorbereiding
  2. Begeleiding
  3. Beoordeling

TOP ▲

BRIN-nummer (Basis Registratie Instellingen-nummer)

Dit is het registratienummer dat door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wordt uitgegeven. Elke onderwijsinstelling wordt geïdentificeerd aan de hand van dit nummer. Het bestaat uit een vier tekens lange alfanumerieke code.

TOP ▲

CEFR (Common European Framework of Reference for Languages)

In 1998 is het Europees Referentiekader voor de moderne talen verschenen in opdracht van de Raad van Europa. Dit kader beschrijft een Europese schaal van taalvaardigheid in zes uiteenlopende niveaus voor de beheersing van vaardigheden zoals luisteren, spreken en schrijven.

Er zijn drie niveaus (A, B, C), welke onderverdeeld zijn in de sub niveaus 1 en 2. Taalniveau A1 is hierbij het laagste niveau, C2 het hoogste.

TOP ▲

CREBO: Centraal Register Educatie en Beroeps Opleidingen (voor het MBO)

Crebo staat voor Centraal Register Beroepsopleidingen. Alle kwalificaties die door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap worden vastgesteld krijgen een crebonummer.

Sterk gewijzigde kwalificaties krijgen een nieuw crebonummer. Scholen gebruiken deze codes voor hun administratie. 

TOP ▲

CRKBO: Centraal Register Kortberoepsonderwijs

In het Register Kort Beroepsonderwijs (CRKBO) kunnen onderwijsinstellingen worden ingeschreven die voldoen aan de Kwaliteitscode voor Opleidingsinstituten voor Kort Beroepsonderwijs.

Opname in dit register is gekoppeld aan een kwalitatieve audit van de instelling (de erkenningsregeling). Is een onderwijsinstelling ingeschreven in het register, dan is die instelling daardoor een erkende instelling als bedoeld in de Europese BTW-richtlijn. Die richtlijn bepaalt dat niet door de overheid bekostigd beroepsonderwijs met BTW belast is, tenzij het wordt gegeven door een instelling die erkend is.

TOP ▲

CROHO: Centraal Register van Opleidingen Hoger Onderwijs

Het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO) bevat gegevens van vroegere, actuele en toekomstige opleidingen binnen het hoger onderwijs. In dit register is te zien of een opleiding een wettelijke erkenning heeft.  

Een van de wettelijke taken van Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) is het registreren en publiceren van opleidingsgegevens binnen het bekostigde en niet-bekostigde hoger onderwijs. De gegevens worden vastgelegd in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO) dat door DUO beheerd wordt. 

Nieuwe opleidingen kunnen pas vastgelegd worden nadat ze geaccrediteerd zijn en –bij bekostigde opleidingen- de doelmatigheidstoets hebben doorstaan. De accreditatie van opleidingen gebeurt door de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO).

Het toetsen van bekostigde opleidingen aan doelmatigheidseisen is belegd bij de Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs (CDHO) die een advies uitbrengt aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) of de minister van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie (EL&I). De minister neemt een besluit betreffende de doelmatigheid.

Het CROHO-register is openbaar en op internet te raadplegen en te downloaden.

TOP ▲

Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO)

Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) financiert en informeert onderwijsdeelnemers en onderwijsinstellingen.

TOP ▲

Duaal onderwijs

Het is een geïntegreerd traject van leren en werken, waarbij de wisselwerking tussen theorie en praktijk centraal staat. Een duale student is één of meer dagen per week actief aan het leren. De overige dagen is hij als werknemer in dienst bij een organisatie.

TOP ▲

ECTS: European Credit Transfer System (ECTS)

De studielast van een vak (en van een opleiding) wordt uitgedrukt in ECTS (studie-)punten. Een ECTS-punt komt overeen met 28 uren studie.

  • De studielast van de hbo-bacheloropleidingen bedraagt ten hoogste 240 ECTS-punten.
  • In het wo telt men 180 ECTS-punten voor de bacheloropleiding
  • en 60 ECTS-punten voor de masteropleiding.

TOP ▲

(NCP-) ECVET: (Nationaal Coördinatie Punt) European Credit System for Vocational Education and Training

ECVET is een Europees transfersysteem voor erkenning van elders behaalde leerresultaten in het beroepsonderwijs. Het ECVET werkt met leeruitkomsten die uitgesplitst worden op kennis, vaardigheden en competenties en groepeert deze in units of modules.

Het NCP-ECVET verbindt middelbaar beroepsonderwijsinstellingen en stakeholders die met ECVET werken. Het NCP-ECVET heeft als doel het leveren van een bijdrage aan het faciliteren van Leven Lang Leren en het bevorderen van de internationale studentenmobiliteit in het beroepsonderwijs door het gebruik van ECVET en speelt voor deze onderdelen zowel nationaal als internationaal een informerende rol. 

Voor meer informatie:

www.ecvet.nl

TOP ▲

EDUmij

EDUmij gaat over het verzamelen en ontsluiten van gegevens over leren en ontwikkelen.

EDUmij is een mechanisme (afsprakenstelsel) of voorziening die het mogelijk maakt voor een lerende en zich ontwikkelende persoon om levenslang regie te voeren over eigen leer- en ontwikkelgegevens, te weten opbrengsten van leren en ontwikkelen in brede zin, variërend van formele resultaten (denk aan diploma’s en certificaten) tot leerervaringen (bijvoorbeeld in de vorm van aanbevelingen door werkgevers), maar ook vaardigheden/competenties.

Op dit moment onderzoekt EDUmij nog in welke richting het zich moet gaan ontwikkelen

TOP ▲

(NCP)-EQAVET: (Nationaal Coördinatie Punt) European Quality Assurance in Vocational Education and Training

Het EQAVET-referentiekader omvat een kwaliteitsborgings- en verbeteringscyclus van planning, implementatie, evaluatie en herziening in overeenstemming met de Plan-Do-Check-Act-Cyclus, vertaald in kwaliteitscriteria, descriptoren en indicatoren op stelsel- en instellingsniveau.

Het Nationaal Coördinatiepunt EQAVET (NCP EQAVET) in Nederland is de schakel tussen Europese beleidsontwikkelingen, nationaal beleid en de nationale praktijk.

Voor meer informatie:

www.eqavet.nl

TOP ▲

EQF: European Qualification Framework

Het EQF is een Europees referentieraamwerk met als doel om kwalificaties meer leesbaar en begrijpelijk te maken over de landsgrenzen (en systemen) heen. 

voor meer informatie zie:

www.cedefop.europa.eu

TOP ▲

Erkend leerbedrijf

Accreditatie is het proces waardoor een leerbedrijf het keurmerk verwerft om opgenomen te worden in het register van erkende leerbedrijven. De erkenning wordt door de Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) verleend als het leerbedrijf heeft aangetoond aan kwaliteitscriteria te kunnen voldoen.

Alleen erkende  leerbedrijven mogen beroepspraktijkvormingsplaatsen ter beschikking stellen, die door de onderwijsinstellingen worden ingezet voor de uitvoering van het beroepspraktijkvormingsprogramma.

Voor meer informatie zie:

https://www.s-bb.nl/bedrijven/erkenning

TOP ▲

Europass

Europass is een initiatief van de Europese Commissie om mobiliteit bij werken en leren te vergemakkelijken. Het transparant maken van kwalificaties en competenties is daarbij essentieel om de mobiliteit tussen Europese landen of binnen nationale sectoren te bevorderen. Europass is gratis en in de gehele EU plus Groot-Brittannië, Noorwegen, IJsland en Turkije beschikbaar. 

Het Nationaal Europass Centrum voert in opdracht van de Europese Commissie een aantal kosteloze diensten uit op het gebied van werk, onderwijs en mobiliteit.

Voor meer informatie zie:

www.europass.nl

TOP ▲

(NKC-)EVC: Erkenning van Verworven Competenties

Mensen ontwikkelen competenties en vaardigheden ook buiten het formele onderwijs om. Door middel van een EVC-procedure wordt beoordeeld én erkend wat iemand heeft (bij)geleerd aan kennis en vaardigheden. Het resultaat wordt vastgelegd in een Ervaringscertificaat.

Het Nationaal Kenniscentrum-EVC erkent EVC-aanbieders en borgt de rechtmatigheid van de Ervaringscertificaten in een register. Door erkende EVC-aanbieders uitgevoerde EVC-procedures) die worden afgerond met een Ervaringscertificaat staan geregistreerd in het Ervaringscertificaten register.

Voor meer informatie:

www.nationaal-kenniscentrum-evc.nl


www.ervaringscertificaat.nl

TOP ▲

Formeel Onderwijs

Onderwijs wat in een wettelijk kader wordt aangeboden. Het wettelijk kader is bijvoorbeeld de WEB (Wet Educatie en Beroepsonderwijs / mbo) of de WHW (Wet Hoger en Wetenschappelijk onderwijs / HBO en WO); het wordt onderscheiden van het Non-Formeel onderwijs en het Informeel Onderwijs.

TOP ▲

Informeel leren

Leerprocessen die onbedoeld tot stand komen door activiteiten of werkzaamheden.

TOP ▲

(post) Initieel onderwijs

Onderwijs dat mensen volgen vanaf het moment dat ze leerplichtig worden tot het moment dat zij de arbeidsmarkt opgaan wordt ‘initieel’ onderwijs genoemd. Hierbij dient gedacht te worden aan:

  • het basisonderwijs
  • het voltijd voortgezet onderwijs
  • en aansluitende vervolgopleidingen in
    • het middelbaar beroepsonderwijs (mbo)
    • hoger beroepsonderwijs (hbo)
    • en het wetenschappelijk onderwijs (wo).

De georganiseerde leeractiviteiten die na het initiële onderwijs worden ontplooid om kennis, vaardigheden en competenties vanuit een persoonlijk, burgerlijk, sociaal en/of werkgelegenheidsperspectief te verwerven en te verbeteren, wordt ‘post-initieel’ onderwijs genoemd.

TOP ▲

Inspectie van het Onderwijs

De Inspectie van het Onderwijs valt onder het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en houdt toezicht op de uitvoering van de Nederlandse onderwijswetgeving. Dit gebeurt op het niveau van scholen en instellingen, maar ook op het niveau van het onderwijsstelsel. De Inspectie wordt geleid door de Inspecteur-generaal van het Onderwijs.

TOP ▲

ISO: Interstedelijk Studenten Overleg

Eén van de twee studentenbonden in het hoger onderwijs.

TOP ▲

JOB: Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs

Studentenvertegenwoordiging uit het MBO.

TOP ▲

(beroepsgerichte) Kwalificatiestructuur

In de beroepsgerichte kwalificatiestructuur zijn de diploma eisen van het MBO beschreven in kwalificatiedossiers.

TOP ▲

Leerbedrijf

Bedrijf waar de deelnemer het onderwijs in de praktijk van het beroep (de beroepspraktijk-vorming) krijgt. Het leerbedrijf draagt zorg voor de begeleiding van de deelnemers binnen het bedrijf.

SBB draagt zorg voor een regelmatige beoordeling van leerbedrijven. Alleen bedrijven met een gunstige beoordeling zijn bevoegd beroepspraktijkvorming voor een opleiding te verzorgen.

TOP ▲

LSVb: Landelijke Studentenvakbond

Eén van de twee studentenbonden in het hoger onderwijs.

TOP ▲

MBO-raad

De MBO-raad is de brancheorganisatie voor de bekostigde instellingen voor middelbaar beroepsonderwijs en volwasseneneducatie. De grootste categorie instellingen vormen de regionale opleidingencentra (ROC’s), maar ook de vakinstellingen, agrarische opleidingencentra en enkele andere scholen behoren daartoe.

TOP ▲

NBI: niet-bekostigde instellingen

De afkorting die vooral in gebruik is bij de onderwijsinspectie ter onderscheiding van de bekostigde instellingen.

TOP ▲

(NCP-)NLQF

Het Nederlands kwalificatieraamwerk (NLQF) is een beschrijving van alle kwalificatieniveaus binnen Nederland met één begrippenkader. Het NLQF dient voor inschaling van alle mogelijke (opleidings-)kwalificaties en is gekoppeld aan het Europese kwalificatieraamwerk (zie: EQF). Door de inschaling wordt vergelijking van verschillende kwalificaties (van particuliere opleiders, branches, sectoren, werkgevers, etc.) mogelijk.

Het Nationaal Coördinatiepunt NLQF (NCP NLQF) is als onafhankelijke organisatie verantwoordelijk voor het invoeren en stimuleren van NLQF.

Voor meer informatie:

www.nlqf.nl

TOP ▲

Non-Formeel Onderwijs

Onderwijs wat aangeboden wordt in het kader van b.v. bedrijfsopleidingen of door brancheverenigingen. Zie ook formeel onderwijs.

TOP ▲

Nuffic; Netherlands University Foundation For International Cooperation

Nuffic is een non-profit dienstverlenende organisatie en expertisecentrum op het gebied van internationale samenwerking in het hoger onderwijs.

TOP ▲

NVAO: Nederlands-Vlaamse Accreditatie organisatie

De Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie verzorgt de accreditatie van opleidingen in het hoger onderwijs.

TOP ▲

OCW

Voor de NRTO zijn relevant de directies:

  • PO (primair onderwijs)
  • VO (voortgezet onderwijs)
  • MBO (middelbaar beroepsonderwijs)
  • en HO&S (hoger onderwijs & studiefinanciering).

TOP ▲

OECD/OESO

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) (Engels: Organisation for Economic Cooperation and Development (OECD)) is een samenwerkingsverband van 37 landen om sociaal en economisch beleid te bespreken, te bestuderen en te coördineren. De aangesloten landen proberen gezamenlijke problemen op te lossen en trachten internationaal beleid af te stemmen. 

Voor meer informatie, zie:

www.oecd.org

TOP ▲

Onderwijs- en examenregeling (OER)

De onderwijs- en examenregeling is het document waarin de belangrijkste kenmerken van een opleiding, waaronder de inhoud en inrichting, de studieduur voor een groep of groepen van deelnemers en de toetsing en examinering, worden vastgelegd door het bevoegd gezag van de onderwijsinstelling.

TOP ▲

OVAL

OVAL bundelt de krachten van dienstverleners die actief zijn op het terrein van werk, loopbaan en vitaliteit. Zij leveren een bijdrage aan duurzame inzetbaarheid van mensen.

Dit doen ze in opdracht van

  • werkgevers
  • verzekeraars
  • werknemers
  • UWV
  • gemeenten
  • en individuele werkzoekenden.

TOP ▲

Rechtspersoon voor hoger onderwijs

Particuliere hogescholen hebben de zogenaamde Rechtspersoon voor hoger onderwijs status. Alleen met die status mogen ze geaccrediteerde opleidingen kunnen aanbieden en wettelijk erkende bachelor- en mastergraden kunnen afgeven.

Hier is te vinden hoe een organisatie rechtspersoon voor hoger onderwijs kan worden.

TOP ▲

ROC: Regionaal Opleidingen Centrum

Een ROC is een bekostigde onderwijsinstelling die in het kader van de wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) middelbaar beroepsonderwijs aanbiedt en educatieve activiteiten verzorgt.

Ze zijn halverwege de jaren negentig ontstaan als gevolg van (verplichte) fusies van diverse mbo-opleidingen. Instituten met meao (economisch en administratief), mts (technisch, elektrotechniek, bouwkunde) en mdgo (detailhandel, gezondheidszorg, activiteitenbegeleider) werden samengevoegd tot grote opleidingscentra. 

TOP ▲

SBB

Bedrijfsleven en beroepsonderwijs vormen de stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB). Samen werken ze aan thema’s als:

  • kwalificatiestructuur
  • examens
  • beroepspraktijkvorming
  • en opleidingsaanbod.

Daarmee optimaliseert SBB de aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt. Met als doel: voldoende en deskundige vakmensen.

TOP ▲

Skills (paspoort)

De arbeidsmarkt is voortdurend in ontwikkeling. Eén van deze ontwikkeling is de transitie naar een meer op skills georiënteerde arbeidsmarkt. Hiervoor bestaan verschillende pilots, programma’s, en projecten, zoals House of Skills en Competent NL.

Een dynamisch en integraal systeem van skills zal de signalering en facilitering van behoeften tussen personen, opleidingen en de arbeidsmarkt van nu en in de toekomst verbeteren. Een skillspaspoort is daarmee een digitaal instrument die een individu ondersteunt bij de ontwikkeling en de duurzame arbeidsmarkt- en onderwijsloopbaan.

TOP ▲

Stichting Lezen en Schrijven

Stichting Lezen en Schrijven is van start gegaan op 27 mei 2004 en is een initiatief van H.K.H. Prinses Laurentien der Nederlanden. De stichting is opgericht met als doel het voorkomen en verminderen van laaggeletterdheid op zowel de korte als lange termijn. Het merendeel van de activiteiten van de stichting speelt zich af in Nederland, maar er wordt ook samengewerkt met andere Europese landen.


Voor meer informatie zie

www.lezenenschrijven.nl

TOP ▲

Studielast

Studielast is de hoeveelheid tijd (studiebelastingsuren) die de gemiddelde student nodig heeft om zich een bepaalde hoeveelheid leerstof eigen te maken. Het gaat hierbij niet alleen om het volgen van colleges, maar ook om de voorbereiding en afwikkeling daarvan.

Studielast is een belangrijk begrip bij overheids-erkende opleidingen. De wet schrijft voor dat studielast bij MBO- en Hbo-opleidingen moet worden onderbouwd, maar biedt geen concrete methode om de studielast te berekenen.

TOP ▲

Taalniveaus

Met een taalniveau kan een bepaald gebruik en begrijpelijkheid van taal aangeduid worden. Met verschillende taalniveaus kan niet alleen de taalbeheersing van een persoon, maar ook de moeilijkheidsgraad van teksten gemeten worden. 

TOP ▲

Toets nieuwe opleiding

Hoger onderwijsinstellingen kunnen nieuwe associate-degreeprogramma’s, bachelor- en masteropleidingen opleidingen door de NVAO laten accrediteren (‘toets nieuwe opleiding’) wanneer zij beschikken over een positief macrodoelmatigheidsbesluit (geldt niet voor private opleidingen en (kandidaat-)rechtspersonen voor hoger onderwijs). 

TOP ▲

Vakinstellingen

Vakinstellingen of vakscholen zijn onderwijsinstellingen die specifiek voor een bepaalde branche opleidingen verzorgen. Bijvoorbeeld voor de transport of de voedingsindustrie.

TOP ▲

VBI: Verifiërende en Beoordelende Instantie

Het betreft hier auditerende instellingen en die door de hoger onderwijsinstellingen kunnen worden gecontracteerd om een accreditatierapport cf. het toetsingskader van de NVAO op te stellen.

TOP ▲

Vereniging Hogescholen

De Vereniging Hogescholen is een landelijke belangenorganisatie van de bekostigde instellingen voor hoger beroepsonderwijs. 

TOP ▲

WEB: Wet Educatie en Beroepsonderwijs

Het wettelijk kader voor het MBO.

TOP ▲

Wet Bio

In de Wet BIO worden onder andere de bekwaamheidseisen van leraren in het primair-, voortgezet- en middelbaar beroepsonderwijs geregeld.

Een school moet kunnen aantonen dat haar leraren daar ook aan voldoen. Daarnaast moet de school de bekwaamheid van de leraren op peil houden en een bekwaamheidsdossier bijhouden van iedere docent.

De Wet BIO is niet van toepassing op private instellingen.

TOP ▲

WHW: Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschap

Het wettelijk kader voor het HBO en WO.

TOP ▲

Ontbreekt hier een belangrijk begrip?

Laat het ons weten!